Het is ook maar een mening . .

2018-09-25

Veiligheidsbaas verplicht op bouwplaatsen

Ik lees het overal. Als referentie de onderzoeksrapporten van de OVV. Mee eens dat de coördinatie op bouwplaatsen beter kan en beter moet, het zal naar ik vermoed nimmer perfect gaan verlopen, net als met 'de arbo' in het algemeen het gaat om het proces en het resultaat zit in de slipstream is bijkomend voordeel. de Arbowet is niet voor niets een wet met inspanningsverplichtingen.

Toch heb ik een paar vragen in mijn hoofd. In het arbobesluit is voorzien in een dergelijk coördinator en in coördinatie. In de ontwerpfase moet worden gecoördineerd en in de uitvoeringsfase moet worden gecoördineerd. Nu is een coördinator iemand die vecht met z'n handen op de rug, maar met de laatste wetswijzigingen heeft hij wel wat meer resultaatverplichtingen gekregen. Hij zal zijn handen dus meer moeten gebruiken. Daar zullen we nog aan moeten wennen maar het is niet meer alleen coördineren en toezien hoe het afloopt. Het is geen veiligheidsbaas, nee dat niet. De nieuwe knoop die we nu gaan leggen is de afstemming tussen de rollen 'coördinator', 'project manager' en de rol 'veiligheidsbaas'. Wie is straks de echte baas. Na een 'evenement' krijgen we straks het spel 'wie van de drie', wil de echte baas opstaan?

Helderheid is niet gebaat bij het diffuus verdelen van taken en bevoegdheden. De Veiligheidsbaas is de Projectmanager van de coördinerende partij die tevens Coördinator uitvoeringsfase is en zich krachtig laat bijstaan door zijn team, staf en Arbodeskundigen.

Een andere vraag waar ik me niet los van kan maken is de rol van de opdrachtgever. In het ontwerp maakt hij er zich vaak vanaf met een formeel V&G Plan dat wordt opgesteld aan het eind van het ontwerpproces als een soort vinklijstje. Hierin zie je vooral veel uitvoeringsgevaren zoals vallen van hoogte en helmplicht (ja, ik nuanceer nu niet). Kijkend naar de rapporten van de OVV is er (te) weinig aandacht in die rapporten voor de rol van de opdrachtgever bij het ontstaan van de onderzochte ongevallen. Niet bij Alphen, niet bij de Grosch Veste. Die rol ligt in het ontwerpproces maar ook in de oneigenlijke druk die tijdens de tijdens de realisatiefase wordt uitgeoefend. Te gemakkelijk gaan we uit van gelijkwaardigheid tussen partners. We ontkennen massaal het bestaan van het spreekwoord 'wie op de centen zit is de baas'.

De B-Tower en het kraanongeval in Rotterdam (10-06-2008) zijn m.i. geheel anders van aard. Bij de B-Tower had de rol van de toezichthouders, die de ondersteuningsconstructie hebben beoordeeld en geen kritische vragen hebben gesteld, wel wat beter uit de verf mogen komen. Voor wie hier meer over wil lezen; lees 'Toezicht en Coördinatie in het bouwproces' van het #IBR geschreven door #Hugo Strang (https://ibr.nl/publicaties/bouwrecht-monografieen/toezicht-en-coordinatie-in-het-bouwproces/ ) Het kraanongeval in Rotterdam heeft voor mij een pijnlijke weeffout in de EU Machinerichtlijn bloot gelegd.

Zit ik, net als #Bouwend Nederland met de vraag; Hadden de ongevallen waaraan gerefereerd wordt niet plaatsgevonden als er een 'Bouwbaas' was geweest?

Zorgt een 'Bouwbaas' dat er in het ontwerp en in de voorbereiding invulling gegeven wordt aan het bouwbesluit artikel 6.12, 6.52 en 6.53, dat deze artikelen inhoudelijk wordt nageleefd door de vergunningverstrekker? (Zijpad, wie tikt deze vergunningverleners op de vingers?) Veroorzaakt een Bouwbaas dat in de ontwerpfase het veilig en gezond kunnen realiseren, onderhouden, gebruiken en slopen een wegingsfactor is bij het nemen van beslissingen?

Het is terecht dat er een inspanning gevraagd wordt van productiebedrijven. Je kunt je afvragen of het antwoord een 'bouwbaas' is die aan het eind van de pijplijn verantwoordelijk is voor alles wat anderen hebben doorgespoeld (over de schutting hebben gegooid), Wie het weet mag het zeggen. Is de bouwbaas een 'regelkramp' waar we in schieten als er ongeval is gebeurt en er een daad moet worden gesteld? Het lijkt me eerder een primaire onderbuik reactie van iemand die iets wil roepen.

Als uitsmijter, zelf opruimen van de rommel, het leveren van een maakbaar ontwerp en samen, zij aan zij, vanuit gelijkwaardigheid stinkend je best doen om ongevallen te voorkomen. Daar begint het mee.

2018-06-11

De Richtlijn Steigers is geactualiseerd.

Sinds 2008 is de Richtlijn Steigers (RS) algemeen geaccepteerd als dé “stand van de techniek” om steigers op te bouwen, te gebruiken en te onderhouden. I-SZW heeft de RS omarmd en gebruikt deze als basis om te handhaven. Opdrachtgevers hebben de richtlijn eveneens onverkort overgenomen en in veel gevallen zelfs al toegevoegd aan hun eigen arbocatalogus.

De RS wordt een onderdeel van de Arbocatalogi voor de bouw en infra. De verwachting is dat meer branches die te maken hebben met werken op hoogte, dit voorbeeld zullen volgen. Onlangs is de Richtlijn opnieuw geactualiseerd, waarbij met name aan de scholingsstructuur nog meer inhoud is gegeven.

Daarmee is een volgende mijlpaal gezet in de strijd tegen valongevallen. 

De Richtlijn Steigers is voor iedereen gratis in te zien, te lezen en te gebruiken en te vinden op www.richtlijnsteigers.nl . In aanvulling en gebaseerd op de richtlijn werd de site https://steigerwijzer.nl ontwikkeld. Deze maakt leerlingen in opleiding op hun niveau eenvoudig wegwijs maakt in begrippen en regels. Uiteraard is de site ook interessant voor anderen die met steigers te maken hebben. 

De RS heeft betrekking op alle stalen steigers opgebouwd uit losse onderdelen. Aluminium (rol)steigers vallen niet onder de werkingssfeer. Verder strekt de RS zich uit van het ontwerp, met teken- en rekenregels, via de bouw door steigermonteurs, tot het gebruik en de demontage. De richtlijn bestrijkt daarmee de gehele levenscyclus van de steiger.

De Richtlijn steigers geldt voor alle stalen steigers, dus ook voor systeemsteigers en ‘lichte steigers’. vergelijk het met autorijden, voor een kleine auto of een kort stukje rijden geldt ook de wegenverkeerswet, heb je een auto nodig met APK en een rijbewijs.

In de Richtlijn Steigers en in deze tekst wordt verschillende malen de term ‘opdrachtgever’ gebruikt. Dit is niet de ‘opdrachtgever’ zoals bedoeld in de wet en het Arbobesluit artikel 1.1.2.c. In de RS wordt met opdrachtgever bedoeld de partij die opdracht geeft voor de montage van de steiger. 

Dat de Richtlijn Steigers gevolgen heeft voor de steigermontagebedrijven is helder, maar er zijn ook gevolgen voor de gebruiker en de organisatie die een steiger laat plaatsen, gebruiken en toezicht houden op o.a. veiligheid. Het artikel in het blad Arbo gaat vooral daarop in zonder overigens uitputtend en volledig te zijn. Het artikel is ook te lezen op mijn website.

2018-03-29

Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald of als het kalf . . . .

Steeds vaker valt het me op dat we te maken hebben met onverwachte en onaangename gebeurtenissen. Mijn hypothese is dat dit komt doordat we bij het introduceren van een innovatie ons hebben laten verblinden door alleen de positieve effecten.

Ik heb wel eens gelezen dat 80% van de nieuwe consumentenproducten het eerste levensjaar niet overleven door gebrek aan succes. Misschien is het beter ten halve te keren dan ten hele te dwalen.

Een voorbeeld van dwalen, dat nu erg speelt, is ‘Facebook’. Bij de introductie zagen we de mooie kant. Ik knapte al af toen ik las dat alles wat je facebook toevertrouwt niet meer van jou is. Maar nu blijkt het nog veel erger, je hele ‘priveleven’ dat ze direct en indirect hebben bemachtigd en ‘gestolen’ geven ze weg of verkopen ze. Elke website waar je bent geweest, terwijl je een facebook account hebt, staat in hun archief.

Een andere vinding zijn de autonoom rijdende auto’s. Uitontwikkeld of niet, de weg op met die dingen. Je leert het best in de praktijk. Dus valt er een enkele dode, voorspelbaar en ingecalculeerd. Oh ja, en als het ons financieel uitkomt bezuinigen we op de scanners (ref laatste ongeval met Uber).

Verder zijn dynamiet en buskruit bekende voorbeelden, maar ook aan kernenergie.

Antiaanbak materiaal geproduceerd in Dordrecht is een ander voorbeeld waar een voorbeeldbedrijf toch niet op alle vlakken de voor en nadelen compleet heeft gehad voor de productie te starten.

Denk ook aan het mooie materiaal asbest. We weten nu dat de eigenschap ‘onverteerbaar’ onverteerbare gevolgen heeft voor mensen die ermee in aanraking zijn geweest.

We zien het nu ook bij chroom-6. Ook reuze geschikt om materialen te conserveren. Staal, hout een beetje chroom-6 erop en het gaat een leven lang mee. Helaas komen we er nu ook achter dat, net als bij asbest, het voor ons mensen funest is. Nu zitten we er maar mooi mee.

Een goede voorbereiding is het halve werk. Maatschappelijk gezien is een goede voorbereiding, waarin voldoende ruimte is voor weerstand, tegenspraak en onderzoek naar alle mogelijke negatieve effecten van groot belang.

Gedegen onderzoek vooral naar de negatieve effecten van veelbelovende, positief lijkende ontwikkelingen is broodnodig.

Laten we onze ogen openhouden en ruimte geven aan tegengas bij alle mooie ideeën die we nog gaan ontwikkelen.

Het gaat om een leefbare wereld niet om een gevaarloze wereld en ik pleit dus niet voor het ‘voorzorgprincipe’. Maar beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald, het kan wel iets beter worden toch?.

2018-01-30

Onveiligheid uitgeraasd.

Enkele weken gelden raasde een storm over Nederland. We hadden een echte storm, code rood! Meer dan voorheen werden lege vrachtauto’s omvergeblazen. Wonderwel bleef het hierbij vaak om materiele schade.
Spectaculaire foto’s en beelden op de TV. De minister-president werd ondervraagd over een rijverbod voor lege vrachtauto’s bij code rood.
Geen denken aan hoorde ik Rutte zeggen. We kunnen dat niet handhaven, de chauffeurs zijn verstandig genoeg, we kennen hun overwegingen niet, misschien zijn er heel goede redenen om de weg op te gaan.

Kortom wat in de normale arbeidsomstandigheden wet is geregeld, geldt niet op de weg. De overheid wil niet ingrijpen als andere weggebruikers in gevaar zijn.

Of is het dat Rutte Daniel Kahneman (Ons feilbare denken) begrijpend heeft gelezen?
We zien in de normale werkomgeving inderdaad, zoals Kahneman beschrijft en ook in een Cochrane studie is geconcludeerd, dat wetgeving niet hét middel is om ongewenste situaties en het onveilig uitvoeren van taken uit te bannen. Een werkomgeving waarin veilig werken de norm is, is van groter belang.
Snel werken is het primaire doel van iedereen. We willen snel werken en voldoen aan de eisen waaraan we worden getoetst. Van de ‘kans’ dat we getoetst worden (en de overtreding wordt geconstateerd) maken we een risicoschatting en het resultaat daarvan bepaalt wat we doen.
Kahneman heeft dat beschreven en we handelen daarnaar, ook als we het boek niet hebben gelezen.

Dus er zit wel wat in, in de redenatie van Rutte. Als er garantie op een straf is die erger is dan de kans op een beloning gaan de wagens de weg op. Er is tenslotte een auto af te betalen en dan heb ik het nog niet over een huishouden en een hypotheek.
Handhaven zou dus een optie kunnen zijn, maar dan wel met een 100% pakkans.

Wel, 100% pakkans, dat kan toch?
RWS onze wegbeheerder heeft het asfalt vol met detectielussen laten leggen, daar wordt o.a. het gewicht van de as geregistreerd. Vaak zijn bij deze lussen ook camera’s geplaatst. Er wordt een vrachtauto gesignaleerd met een asdruk die niet past bij een volle auto. Snap, de foto is gemaakt en het nummerbord wordt geanalyseerd. De boete (2X de gemiddelde dag omzet) wordt volledig geautomatiseerd geprint, in de enveloppe geschoven en bezorgd. Vrachtauto’s met een niet NL kenteken worden bij de o.a. grensovergangen gedetecteerd en bij tunnels geheel geautomatiseerd tot stilstand gebracht en tot de boete betaald is aan de ketting gelegd. 

Zo levert automatisering een veiligere weg op.
De werkplek veiliger maken langs deze weg, dat is een kwestie van tijd.

2017-10-26

Ingestorte vloeren houden iedereen bezig

Ook ik ben geboeid door het fenomeen instortende vloeren zoals we dat nu beleven. Het is ook niet voor het eerst. Ik herinner me een parkeergarage in Tiel die ontruimd moest worden. De details ken ik niet meer, hebben we het niet meer over.
Wat je leest en hoe je het interpreteert hangt af van de bril waarmee je kijkt. Ik kijk met de bril van een bouwkundig arbeidsveiligheidskundige met ook zijn eigen beperkte kennis.
Naar mijn idee moeten machines, gereedschappen, bouwproducten en bouwmaterialen optimaal afgestemd zijn op de te verwachte verwerking, het beoogde eindgebruik en de gewenste eindkwaliteit.
Bij het ontwerp van machines is hier een norm voor. Deze moet worden aangehouden en het zou niet verkeerd zijn om deze norm ook voor andersoortige ontwerpen aan te houden. Ik denk dan aan bouwmaterialen, gebouwen en hulpmaterieel voor de bouw.
Met deze voorkennis en mijn bril op wil ik met jullie kijken naar een aantal ongevallen die mij nog helder voor de geest staan. Overigens is het ook goed om te weten dat ongevallen zelden één oorzaak hebben.
Even terug naar 1996. In dat jaar kantelde, tijdens het storten van de beton, een tafelkist voor de oplegging van een viaduct. Het was op de huidige Ridderster. Een van de aanleidingen was dat er bij het ontwerp van de bekisting was uitgegaan van een uiterst secure werkmethode namelijk, het zorgvuldig gelijkmatig volstorten van de kist. De geconstrueerde evenwichtssituatie mocht niet verstoord worden. Ik denk dan dat dit ontwerp met deze randvoorwaarde niet was afgestemd op de te verwachten wijze van werken. Ook was de gewenste werkwijze niet effectief gecommuniceerd. Het gevolg was dat het evenwicht werd verstoord en de kist met stortploeg en al naar beneden kwam.
In 2003 stort een steiger in, Amercentrale Geertruidenberg. De steiger was gebouwd in de ketel die moest worden gestraald. De steiger is voorzien van dichte vloeren in plaats van roostervloeren, de steiger was niet berekend op het opstapelen van grit. Ook hier is in het ontwerp, naar mijn idee, geen rekening gehouden met de gebruikelijke en alom bekende wijze van werken op een steiger.
10 juli 2008, een kraan begeeft het in Rotterdam. De OVV doet onderzoek. Een van de oorzaken die niet wordt genoemd is een ontwerp dat niet op alle fronten afgestemd is op het te verwachten gebruik. Gevolg is dat zonder verkeerde handelingen te verrichten de giek zover doorbuigt dat de kat vanzelf bij de machinist vandaan loopt. Het gevolg daarvan is overbelasting en instorten van de kraan.
En dan nu de beeldplaat. Waar lekken kelders? Juist ja, daar; op de stortnaad! Het is genoegzaam bekend dat stortnaden problemen geven met aanhechting. We maken stortnaden niet voor niets zo ruw mogelijk. Jaren geleden begon ik in de gietbouw. Ik weet me te herinneren dat vrij opgelegde vloeren, bij het stoppen van de dagelijkste stort, op het hart van de bouwmuur werden afgebroken en werden afgezet met honingraatstaal. Als we werkten met een stalen tunnel konden we ook werken met een aflegblad en dan konden we met een zo ruw mogelijke stortnaad afbreken op 1/5 de van de overspanning.
Breedplaatvloeren zijn in mijn beleving altijd zo verdomd ruw gebezemd om de aanhechting te bevorderen. Alles om een hechte en massieve vloer te krijgen waarbij de verloren bekisting met de onderwapening hecht verbonden is met de, in het werk gestorte, druklaag.
Nu lees ik dat er tegenwoordig gladde breedplaatvloeren worden geleverd.
Ben ik ouderwets, zijn er nieuwe trucs bedacht om hechting te bevorderen of is hier ook sprake van een ontwerp dat niet optimaal is afgestemd op de verwerking in de bouw?
Jammer dat er weer als eerste een link gelegd wordt met de bouwbedrijven die de organisatie niet op orde zouden hebben en slecht werk afleveren. Dat er veel te verbeteren valt in het productieproces en dat ook hier ongetwijfeld zaken niet goed zijn gegaan zal ik niet ontkennen en neem ik onmiddellijk aan.

Echter, met een goed ontwerp kan er niets fout gaan dit omdat of rekening is gehouden met het gangbare productieproces of fatale fouten maken niet uitgesloten is.

Wil je op de hoogte blijven van niet geslaagde producten die wel in de handel zijn gekomen? Kijk eens op https://ec.europa.eu/consumers/consumers_safety/safety_products/rapex/alerts/?event=main.listNotifications .

download als pdf

2017-08-18

Opdrachtgevers en maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven

In de bouw vinden relatief veel ongevallen plaats. Dat is niet alleen in Nederland het geval. Niet vreemd dus dat over de gehele wereld de bouwnijverheid extra aandacht krijgt als het ongevallen reductie betreft. Onderzoek van onder andere de HSE (GB) heeft uitgewezen dat ongeveer 40% van de ongevallen een relatie heeft met keuzes die gemaakt worden in de ontwerpfase. In Nederland hebben we het over 3920 ongevallen die een schadelast geven van € 37.000.000 (Ongevallenmonitor Arbouw over 2015). Daarvan komen 1.568 ongevallen (€ 14.800.00) voort uit keuzes die onder verantwoording van de opdrachtgever worden gemaakt.

In veel landen is dit reden om via wetgeving de opdrachtgever een taak te geven bij het voorkomen van ongevallen in de bouw. In de EU heeft dat geresulteerd in de richtlijn 92/57EG, die in Nederland is omgezet en opgenomen is in het Arbobesluit (hoofdstuk 2 afdeling 5).
De EU richtlijn 92/57 heeft als doel de verschillende partijen te verplichten en verantwoordelijk te maken voor het aanwenden van hun invloed op veiligheid en gezondheid tijdens werkzaamheden.

Het merendeel van de ongevallen zijn valongevallen ( in Nederland plm 25%; ref. monitor Arbouw). Om valongevallen te reduceren is er de richtlijn 2001/45/EC. Hierin is vastgelegd dat ingeval van werken op hoogte de veiligheid niet ondergeschikt is aan economische.

Met ingang van 1 januari 2017 is een aantal bepalingen in het arbobesluit aangescherpt zodat de doelstelling van de richtlijn beter wordt weergegeven. Zo is de opdrachtgever duidelijker aan te spreken op de veiligheid en gezondheid tijdens de werkzaamheden die hij laat uitvoeren  Ook de definitie ‘opdrachtgever is aangescherpt in het Arbobesluit art 1.1.2.c.
De taak die de opdrachtgever hiermee krijgt, is dat er zo min mogelijk gevaren zijn tijdens het maken, het gebruiken, het onderhoud en de slopen van zijn object. Dit kan hij alleen goed invullen als hij zorgvuldig zijn ontwerpteam samenstelt. Beoordeling op onder andere ‘past performance’ zou mogelijk onderdeel kunnen zijn van de selectie.
Fouten die het ontwerpteam maakt, vallen in de relatie opdrachtgever en slachtoffer onder de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever.

De ontwerpers moeten bij het reduceren van gevaren de arbeidshygiënische strategie aanhouden. Dat wil zeggen dat het wegnemen van het gevaar (niet op hoogte werken) prevaleert boven het beheersen (plaatsen van leuningen) en dat het beheersen prevaleert boven het werken met persoonlijke beschermingsmiddelen (werken met valgordel).

In het Arbobesluit worden de problemen samenhangend met Asbest en bodemverontreiniging genoemd. De opdrachtgever moet een inventarisatie kunnen overleggen. De opdrachtgever is verantwoordelijk voor de consequenties die voortvloeien uit de aanwezigheid van asbest en bodemverontreiniging op de werkplek.

Dat impliceert dat de opdrachtgever verantwoordelijk is voor het aanbieden van een veilige werkplek. Het besluit noemt verontreiniging en asbest, maar waarom deze verantwoordelijkheid niet doortrekken naar bijvoorbeeld veilig werken op hoogte?
Dit is geheel in lijn met de EU Richtlijn.

Dit is overigens niet alleen een kwestie van de wet naleven, handelen in de geest van de wet, fatsoen of Maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar ook een kwestie van slim nadenken over onderhoudskosten. Het werken achter valbeveiliging gaat stukken sneller en de kwaliteit van het werk is beter dan wanneer gewerkt moet worden met een lastige gordel om.
Indien er geen hekken aan de rand van het dak staan, zal voor elke klus op hoogte een dakrandbeveiliging geplaatst moeten worden. Immers de arbeidshygiënische strategie moet worden gevolgd bij het beschermen van de werknemers en economische argumenten mogen geen reden zijn om te werken met individuele beveiliging. Het plaatsen van hekken, het weghalen en de huur tijdens het werk zullen moeten worden doorberekend in de onderhoudskosten. Over de levensduur van het pand zijn permanent aangebrachte randbeveiligingen al snel economisch interessant.

De kwaliteit van een ontwerpteam is van belang voor de opdrachtgever gelet op de juridische consequenties, maar ook als het gaat om prijs van onderhoudskosten en ook om gevaren tijdens het gebruik. De negatieve gevolgen zullen uw imago aantasten.

2017-05-02

Positieve aandacht

Op de 17de maart stonden we stil bij veiligheid in de bouw. Welke positieve effecten proeven we daar nu nog van?
Als de gedachte is, dat we iets wakker hebben geroepen dat nu weer in slaap sukkelt hebben we wat bereikt. Die gedachte was er niet geweest als de 17de maart geen aandacht was geschonken aan veiligheid.
Zijn we daar tevreden mee? Dat is een vraag die ieder voor zich moet beantwoorden.

Elke jaar op 28 april is het de dag dat we stil staan bij de werknemers die in het harnas zijn gestorven, die omgekomen zijn tijdens de uitoefening van het beroep. Ook in ons land is er meer en meer aandacht voor deze dag. De Workers Memorial Day is die dag die is overgewaaid uit de VS. In Nederland komen er altijd nog zo’n 70 tot 80 per jaar om tijdens het werk. Dat zijn er teveel en daarom is het belangrijk om daar volgend jaar en het jaar daarop bij stil staan.

Op 1 mei is het de dag van de arbeid die we in Nederland vieren door positief productief te zijn waar in andere landen de ‘arbeiders’ genieten van een vrije dag.

We leven ook in een tijd van verschillende waarheden. Een tijd waarin autoriteit en feiten worden gezien al een menig die te discussie staat. Het positieve is dat we dan discussiëren. Het NVVK-congres stond helemaal in dat teken, discussiëren over jouw ervaring, jouw beleving en jouw waarheid. Het vervelende is dat feiten waar blijven.
Met discussiëren verbeteren we de feitelijke veiligheid niet. Daar zijn daden voor nodig, dat vereist zelf iets doen.

Een manier om veiligheid op de bouw en de andere bedrijfstakken levendig te houden is stil te staan bij veiligheid en gezondheid als zich een reden aandient, de discussie aangaan vanuit de wens het gevaar te reduceren. Daarbij kunnen we best wat vaker met een positieve blik kijken naar hetgeen bereikt is. Gewoon iets doen dus.

Bij doen is het goed om toch stil te staan bij wat we met z’n allen hebben bereikt?
We kunnen zien dat het bijna standaard is dat een chauffeur zodra hij zijn cabine uit komt signaal kleding draagt.
Als klassen schoolkinderen zich verplaatsen zijn de begeleiders gestoken in signaal kleding.
Valbeveiliging bij werken op hoogte is geen punt van discussie, wel de soort waarbij helaas de Arbeidshygiënische Strategie niet standaard wordt gevolgd. De discussie wordt ook vertroebeld door commerciële belangen. Positief is dat het er naar uit ziet dat, met de aandacht die we eraan geven, individuele valbeveiliging tot de uitzonderingen gaat behoren.
Het gebruik van PBM zoals een helm, gehoorbescherming, schoenen en een bril is geen punt van discussie, ieder is het erover eens dat dit hoort bij goed vakmanschap.
Een vakman zie je trouwens ook steeds vaker gekleed zoals je van een vakman mag verwachten. Nette kleding die het werken vergemakkelijkt en hem beschermt tegen zon en mechanische beschadiging.
Wegafzettingen, nog niet altijd even optimaal maar vergeleken met 10 jaar geleden toch een hele vooruitgang.

We bereiken het meest door vanuit een positieve grondhouding een bijdrage te leveren aan arbeidsveiligheid.
Volgend jaar is er weer een dag van de veiligheid op de bouw en er is een Workers Memorial Day en vieren we 1 mei. Nu weten we het een jaar van tevoren. We kunnen er dus naar toe werken en nu vast bedenken met welke resultaten we voor de dag gaan komen.
En laten we zorgen dat we er allemaal weer bij zijn.

Veiligheid; minder over praten en meer zelf doen.

 
2017-02-16


Ongevallen, dat accepteren we niet!


Regelmatig is het aantal ongevallen onderwerp van discussie, het aantal is te hoog is. Dit is verheugend, we leven in een samenleving waar het niet de norm is dat je na het werk niet heelhuids thuis komt. De norm is hier dat je na een dag werken moe en voldaan thuis komt om de volgende dag fris en monter aan een nieuwe, vreugdevolle werkdag te beginnen.
Partijen vallen regelmatig over elkaar heen als het gaat om de aantallen ongevallen. Waarom? Men is het met elkaar eens, minder ongevallen!
De norm in Nederland is gelijk; je wordt niet ziek of krijgt geen ongeval tijdens het werk.
De ophef en energie zou dan ook beter gestopt kunnen worden in het gezamenlijk zoeken naar verbeterpunten. Het gezamenlijk uitwerken van verbeteringen en gezamenlijk zorgen dat het verbetert.

Laten we dan starten met de harde kant. Laten we zorgen dat fouten maken mag zonder ernstige gevolgen. Laten we de werkomgeving zo maken dat wij, blunderende mensen daar kunnen zijn zonder dat er ongevallen plaats vinden. Fouten maken is immers menselijk. Veiligheid zit niet alleen tussen de oren maar vaak in bijvoorbeeld een onhandig productieproces, onveilige werkplekken, improvisaties en niet afstemmen. Zaken die beheersbaar te maken zijn. Laten we de werkomgeving zo maken dat we verleid worden om op de juiste (gewenste) manier te werken. De shortcut is de gewenste werkwijze.

Dit zal nog een hele uitdaging zijn voor de manager ondersteund door de medewerkers en bijgestaan door deskundigen is het niet onmogelijk.
In de bouw en aanpalende sectoren heeft met een ‘veilige vrijdag’ uitgeroepen, vrijdag 17 maart.
Een dag waarop we gestimuleerd worden inventief om te gaan met het vergroten van de veiligheid. Die ideeën en initiatieven worden verzameld en gedeeld.
Wil je er meer over weten, kijk dan op www.bewustveilig.com .
Wij, de deskundigen zijn graag bereid om mee te denken en mee te helpen.

 
2017-02-06

Meer samenwerking, verbinding tussen partijen

De gedachte achter de EU Richtlijn 92/57 oftewel het arbobesluit hoofdstuk 2 afdeling 5, is dat een beslisser verantwoordelijk te stellen is voor een beslissing. Een niet genomen beslissing is daarbij ook een beslissing.
Even om bij te zijn, het codenummer 92/57 betekent dat de richtlijn in 1992 is geschreven en dat het de 57ste richtlijn was in dat jaar.
En dan hebben we het nu, 25 jaar later nog over de wijze waarop geïmplementeerd moet worden.

De reden voor het invoeren was dat in de ontwerpfase beslissingen genomen worden (of niet genomen worden) die consequenties hebben voor de veiligheid en gezondheid tijdens het bouwproces, het gebruik, het onderhoud en de sloop.

We kunnen allen constateren dat, 25 jaar na de invoering, de implementatie nog niet is afgerond. De bekendheid is nog niet optimaal en de consequenties zijn nog niet in de haarvaten van de opdrachtgevers, de adviseurs, de ontwerpers doorgedrongen. Maar ook bij de bouwers zelf, de onderhoudsbedrijven en de sloopbedrijven worden de consequenties niet altijd even nauwgezet ingevuld.
Er wordt niet meer ontkend dat de richtlijn bestaat maar dat is nog iets anders dan omarmen en naar de geest invullen.
Al met al kun je stellen dat we, nu, in 2017 nog steeds bezig met de implementatie en het toewerken naar een volledige acceptatie bij alle partijen voor wie de richtlijn geldt.

Onlangs, op 1 januari, is weer een kleine wijziging aangebracht in het arbobesluit. Twee wijzigingen haal ik er nu even uit.
Bodemverontreiniging en asbest zijn nu met name genoemd. De opdrachtgever moet kennis hebben van de eventueel aanwezige bodemverontreiniging en de aanwezige asbest en dit opnemen in het V&G Plan. Ik leid daaruit af dat de opdrachtgever verantwoording draagt voor het beschikbaar stellen van een werkplek waar geen ongecontroleerde gevaren zijn.
Dat betekent dat we uitkomen op de gedachte achter de richtlijn. Als je een interventie kunt plegen ten gunste van V&G moet je dat doen en ben je verantwoordelijk voor het resultaat van die interventie.
Als een opdrachtgever een werkplek ter beschikking stelt en je redeneert in de geest van de richtlijn, dan hoort daar een RI&E bij en horen er maatregelen getroffen te worden die veilig en gezond werken mogelijk maken.
Hopelijk wordt deze doelstelling uit de richtlijn opgepakt. Daarmee zouden veel gevaarlijke situaties in de bouw en het onderhoud worden voorkomen. In die geest zou een opdrachtgever zich dus zorgen moeten maken over een veilige werkplek en de bereikbaarheid daarvan.

Voor meer inhoudelijke kwesties ben ik u graag van dienst. Kijk anders ook eens hier.